Echtscheiding

We bespreken in dit artikel enkele algemene aspecten daarvan.

 

Gemeenschap van goederen

In het vervolg gaan wij er van uit dat de echtelieden in gemeenschap van goederen zijn gehuwd. Dat betekent populair gezegd dat alles wat de man en de vrouw bezitten tot de ge­meen­schap behoort, waarop zij beiden voor de helft recht hebben. Dit geldt voor bezittingen en schulden. Zolang het huwelijk nog niet ontbonden is door echtscheiding zitten de echtelieden "financieel aan elkaar vast". Dit heeft bijvoor­beeld de vol­gende consequen­ties. Indien partijen feitelijk gescheiden leven en formeel nog niet gescheiden zijn erft de vrouw van haar moeder. Deze erfenis valt in de huwelijksge­meenschap (tenzij de moeder een uitsluitingsclausule heeft gemaakt). De man heeft recht op de helft van het aandeel van de vrouw in de nalatenschap. Ook kan het voorkomen dat de ene partij schulden maakt. Deze schulden verlagen het aandeel van de huwelijksge­meenschap, zodat er minder te verdelen is.

 

Verdeling

De verdeling van de huwelijksgoederengemeenschap verloopt niet vaak zonder problemen. Vaak wordt de echtscheidingsproce­dure door een verdelingsvraagstuk al belemmerd en gefrustreerd. Bij de verdeling is het eerst van belang het aanwezige vermogen vast te stellen.  Tot het vermogen behoren uiteraard de echte­lijke woning, inboedelgoederen, spaargelden, roerende zaken (zeilboot, caravan etc.), pensioenrechten, levensverzekering etc.  Denk ook aan aandelen, opties, verzeke­ringspolissen etc.  Buiten de gemeenschap behoren goederen waarover dat bij testa­ment of bij gift is bepaald (bijvoor­beeld vader bepaalt dat erfenis aan dochter buiten de gemeen­schap valt en dus niet ten goede komt aan de schoonzoon). "Verknochte" goederen vallen ook buiten de gemeenschap.  Dat zijn bijvoor­beeld door een huwelijkspartner geërfde sieraden, hobbyzaken e.d.

De belang­rijkste gemeenschapsschuld is meestal de hypo­theek. Premies en belastingschulden zijn ook gemeen­schaps­schul­den.

 

Waardering

In de regel worden goederen gewaardeerd tegen de onderhandse verkoopwaarde.  Dit geldt ook voor de echtelijke woning en tevens in een situatie waarin één van de echtelieden de woning overneemt. Vaak zal een deskundige worden benoemd om de waarde te schatten. Partijen dragen dan meestal de kosten van de deskundige gezamenlijk. Zolang de huwelijksgemeenschap nog niet is verdeeld en één partij bewoont de echtelijke woning kan de andere partij eisen dat daarvoor een gebruikersvergoe­ding wordt betaald. De waarde van de hypotheekschuld zal meestal bekend zijn. Beide echtgenoten zijn uiteraard hoofde­lijk aansprakelijk voor de schuld aan de hypotheekbank.

 

Sluitstuk: totale vermogen gedeeld door twee

Als de schulden van de bezittingen worden afgetrokken ontstaat een bedrag waarop de echtelieden beiden voor de helft aan­spraak kunnen maken.  Een klein, eenvoudig, voorbeeld. 

  • Een woning is 200.000,= waard. Het door de man opgebouwde pensi­oen bedraagt 10.000,=, de auto 20.000,= en het spaargeld 20.000,=. In totaal 250.000,= bezittingen.
  • De schulden bestaan uit een hypotheek met een saldo van 50.000,=.
  • Het gemeenschappelijk vermogen is 250.000,= minus f 50.000,=, dus ' 200.000,=. Zowel de man als de vrouw hebben ieder recht op 100.000,=.
  • Stel dat de man de woning met de hypotheek "overneemt". Dan neemt de man 200.000,= minus 50.000,= en dus 150.000,= over.  De man heeft echter slechts recht op een bedrag van 100.000,=. De man zal een uitkering wegens over­bedeling aan de vrouw moeten doen. Als de man 50.000,= uitkeert en tevens de afkoopwaarde van het pensioen van 10.000,= aan de vrouw betaalt, dan heeft de vrouw ook 100.000,= (uiteraard als de vrouw ook het spaargeld en de auto toegescheiden krijgt).
  • In de praktijk blijkt vaak dat echte­lieden deze som niet op die manier maken. Dit kan leiden tot vervelende consequenties, die vermijdbaar zijn. Die consequen­ties treden vaak op als men de gemeenschap in parten gaat verdelen. Hoe vaak heb ik het niet meegemaakt dat -uiteraard vertaald in het cijfervoorbeeld- echtelieden afspreken dat de man de woning met de hypotheek overneemt (dus 150.000,= krijgt) en van de opbrengst de helft (dus 75.000,=) wordt uitgekeerd aan de vrouw. Als eenmaal zo'n bedrag is genoemd gaat dit een eigen leven leiden en heeft dat voor de man een absolute waarde. Vaak zegt de man dan dat het toch zo in goede harmonie is afgesproken. Toch vergeet men dan -misschien bewust?- de andere onderdelen.

 

Vorm verdeling

De scheiding en deling van de huwelijksgemeenschap zal in veel gevallen worden vastgelegd in een onderhandse akte (overeen­komst) of notariële akte. Komen partijen er niet uit dan werkt het in de praktijk soms heilzaam eerst een notaris in te schakelen. Via de notaris kan dan vaak een gerechtelijke procedure nog worden voorkomen. Het is wel verplicht dat partijen op straffe van dwangsom of lijfsdwang alle informatie geven over de samenstelling van de gemeenschap. Als partijen overeenstemming hebben bereikt wordt de inhoud daarvan neerge­legd in een convenant, d.w.z. overeenkomst.

 

© J. Wouters & R. Wouters